
En nu die handjes de lucht in! Lichaamstaal is zeer veelzeggend, dat is bekend. Maar wat blijkt: opwaartse armbewegingen vergemakkelijken en versnellen het ophalen van positieve herinneringen. Dit wees onderzoek van Daniel Casasanto van het Max Planck- en Donders Instituut en Katinka Dijkstra van de Erasmus Universiteit Rotterdam uit.
Voor het onderzoek keken proefpersonen naar een beeldscherm, waarop ze opdracht kregen een autobiografische herinnering te vertellen. Tegelijkertijd moesten de proefpersonen op gezette tijden knikkers in verticale bewegingen naar plateaus verplaatsen. Het omhoog verplaatsen van de knikkers bleek meer en sneller positieve herinneringen op te roepen, terwijl de proefpersonen negatieve herinneringen juist minder vaak en langzamer uitten. Het omgekeerde gaat ook op.
Hiermee legden de onderzoekers een link tussen beweging en gevoelens. Sommige onderzoekers zien hier een verband met mensen die zeggen dat ze in de wolken zijn of juist in de put zitten: ze gebruiken ruimtelijke metaforen om hun gevoelens te uiten. Dit geldt ook voor lichaamstaal: grootse gebaren duiden op vrolijkheid; hangende schouders op een rotbui. ‘Maar die gebaren hebben een betekenis, je kan er iets uit afleiden’, verklaart Daniel Casasanto. ‘Het unieke van ons onderzoek is dat het verplaatsen van de knikkers niet aan communicatie gebonden is, maar toch verbonden blijkt te zijn met gevoelens.’
Betekent dit nu dat veel met je armen zwaaien goed is voor je stemming? ‘Het klinkt gek, maar misschien is het inderdaad goed’, denkt Casasanto. ‘We gaan nu kijken hoe we onze bevindingen in de praktijk kunnen toepassen, maar hierover is nog weinig bekend. Misschien dat we in de toekomst ’s ochtends bij een kopje koffie aan knikkertherapie doen.’ Met deze wetenschap kunnen we het WK voetbal in ieder geval met een gerust hart tegemoet treden: als we maar vaak genoeg de wave doen, wordt het vanzelf een vrolijke boel.