
Het begon allemaal in Nijmegen, tien jaar geleden. Nu, wanneer kluitjes studenten door de stad zwermen en studentenhuis na studentenhuis bezoeken, weet je wat er gaande is: StukaFest. Op het tegenwoordig landelijke StudentenkamerFestival kunnen studenten genieten van de meest uiteenlopende optredens in de intieme sfeer van een studentenkamer. Het maakt StukaFest tot een uniek en knus evenement, waar ook Voxlog niet kon ontbreken.
De eerste kamer is al volgepakt met studenten wanneer we aanschuiven voor Oscar Kocken. De Elle-columnist geeft een bloemlezing uit zijn werk, waarin hij tussen neus en lippen door de succesformule weggeeft voor een column in een ‘wijvenblad’: seks. Co2-neutrale seks, een lust-lustrum en bejaardenliefde passeren de revue. Kockens lezeressen worden minder blij van de stelling dat de platenkast van een vrouw meer zegt over haar exen dan over haar zelf. Met uitzondering hoogstens van Jack Johnson dan, die Kocken bestempelt als ‘de gezichtjesworst onder de vleeswaren.’
Laten we hierna juist getrakteerd worden op een akoestisch optreden van de Nederlandse Jack Johnson, Florian Wolff. We nemen de proef op de som en zien inderdaad de dames wegzwijmelen bij de feelgood-liefdesliedjes, maar de singer-songwriter valt ook goed bij de heren in het gezelschap, getuige luid applaus. Terwijl Wolff snel op de hoes van zijn cd spiekt of hij nog nummers heeft om te spelen, vragen we snel naar de meningen van de toehoorders. Conclusie: akoestische zwijmelmuziek komt in de knusse sfeer van een studentenkamer altijd goed tot zijn recht, voor vrouwen én mannen.
Het is al snel duidelijk wie het laatste optreden verzorgt, want hij komt door een denkbeeldige deur binnenvallen: Hakim. Naast zijn gevierde Sesamstraat-repertoire komt de geboren Algerijn al improv
iserende met een heuse carnavalskraker: ‘De wereld is een vuilnisbelt; de één heeft luis, de ander geld.’ Hakims aloude mimeact valt bij de studenten erg in de smaak, dus vragen we hem: studenten, het zijn net kinderen? ‘Het maakt niet uit of er kinderen of volwassenen in het publiek zitten. Het betekent dus niet dat studenten kinderachtig zijn, maar kinderlijk zijn ze wel.’ Optreden in een studentenkamer vindt hij dan ook heerlijk: ‘Ik voel me hier echt welkom, er is geen afstand met het publiek. Het is net een verjaardagsfeestje.’