erasmusgebouw1.jpgDoor de handen ineen te slaan, kunnen de vier alfafaculteiten van de universiteit beter beslagen ten ijs komen op de markt van studenten en onderzoeksgeld. Maandenlang is gebroed op een nieuw toekomstplan voor de Nijmeegse geesteswetenschappen, met als uitkomst dat de meest verstrekkende vorm van samenwerking – een fusie – er niet komt. Wél gaan de vier beter samenwerken en het onderwijs op elkaar afstemmen. ‘Dat zal bij sommige studenten van ons pijn gaan doen.’

Vandaag is de deadline voor de alfafaculteiten in Nederland om met nieuwe plannen op de proppen te komen. Goede en samenhangende plannen mogen rekenen op geld dat een speciale commissie mag gaan verdelen, structureel 15 miljoen euro. De man die het geld mag verdelen is de Utrechtse universiteitshoogleraar Frits van Oostrom, die de plannenmakers als belangrijkste advies meegaf om de ‘eilandjescultuur’ te doorbreken. Ook toonde hij zich voorstander van een brede academische bachelor, een op Amerikaanse leest geschoeide vorming in de liberal arts. En hoe beter universiteiten onderling samenwerken, hoe meer kans op geld.

Gedurende een paar maanden is in Nijmegen geprobeerd de eilandjes rigoureus bijeen te brengen, maar de poging de vier faculteiten te fuseren tot één faculteit Geesteswetenschappen strandde al vroeg. Religiewetenschappen, Theologie, Filosofie en Letteren blijven aparte faculteiten, maar wel zal, zo belooft het nu gelanceerde toekomstplan, de samenwerking verder worden versterkt.

Wat gaan studenten merken van de nauwere samenwerking? Veel, zegt theologievoorlichter Ignace de Haes. ‘Het zal voor sommigen wat pijn gaan doen.’ De belangrijkste verandering voor studenten is het minoren-programma dat een plek gaat krijgen in alle faculteiten. ‘Voor de student die theologie gaat studeren om zich alleen in dit vak te verdiepen, zijn de minoren een verlies aan diepgang’, zegt De Haes. Maar aan de andere kant zijn er ook studenten die zich juist willen verbreden, en voor hen zijn de minoren een uitkomst. De bachelor met 180 studiepunten louter vakgerichtheid behoort tot het verleden; 60 studiepunten moeten studenten vergaren over de grenzen van hun eigen studie, een systeem dat de letterenfaculteit overigens al deels heeft ingevoerd.

Is de eilandjescultuur voldoende doorbroken om Van Oostrom te pleasen? Letterendecaan Paul Sars, architect van het Nijmeegse plan, denkt van wel, en denkt met het plan zo’n 10 tot 15 procent uit de geldpot van Van Oostrom te kunnen krijgen. Sars wijst op drie nieuwe thema’s van onderzoek, waarbij wetenschappers van diverse pluimage gaan samenwerken. Een ander nieuwtje is het core curriculum, een keuzepakket van 15 studiepunten bedoeld voor reflectie en verbreding, als onderdeel van de 60 vrije studiepunten in de bachelor. Een goed plan wanneer je Frits van Oostrom naar de mond wilt praten: die toonde zich eerder warm pleitbezorger van zo’n core.

Vrijdag kreeg het plan het groene licht van de Facultaire Gezamenlijke Vergadering van de letterenfaculteit. Er is grote eenstemmigheid over de grote lijnen, zegt FGV-lid Carla Hoetink, maar in de uitvoering ziet ze enkele obstakels, zoals de invulling van samenwerkingsvakken en gezamenlijke onderzoeksthema’s. Ook het core curriculum roept problemen op: hoe die 15 studiepunten te plannen in het minorenprogramma? Dat programma omvat al de buitenlandse stage en de nieuwe tweedegraads lerarenopleiding, die alleen al goed is voor 30 studiepunten. ‘Dat moet je allemaal zien te persen in die 60 studiepunten. Veel studenten willen beide programma’s volgen, maar dat kán gewoon niet. Met zo’n programma dreigt studievertraging.’