Een student naast een inwoner van het Willemskwartier, een migrant tegenover een zakenman. Dat is wat Michel Groenestijn, organisator van de Dag van de Dialoog wil bereiken: ‘en dan maar praten.’ In het kader van de nationale Week van de Dialoog worden vreemden bij elkaar aan een tafeltje gezet in de Vasim.
Via de website nijmegenindialoog.nl kan iedereen zich aanmelden om met een paar vreemden in dialoog te gaan. In Amsterdam worden ruim zevenhonderd tafeltjes neergezet, in Nijmegen ongeveer een honderdste deel hiervan. ‘Aan elk tafeltje komen zes personen te zitten die 2,5 uur met elkaar gaan praten. Dat kan iedereen zijn! Huidskleur of status doet er niet toe, we willen mensen met elkaar in verbinding brengen.’
Het persbericht van Lux, een van de organisatoren van nijmegenindialoog, laat echter een minder tolerante kant zien. Zo wordt ‘geitenwollensokkenmensen’ aangeraden om thuis te blijven omdat de dialoog al een soft imago heeft.
Het thema dit jaar is Thuis in Nijmegen. Nijmegenaren gaan praten over wat het voor hen betekent om thuis te zijn in de stad. Vooral voor mensen zonder vrienden schijnt de dag een aanrader te zijn. ‘Mensen die bij ons in gesprek gaan komen binnen als vreemden maar gaan weg als vrienden.’
Het doel van de dag blijft echter een beetje vaag. Bruggen bouwen, lijntjes leggen en verbindingen maken: maar wat gebeurt er eigenlijk met het gesprek? Michel: ‘Niks, het gesprek is het doel op zich. Maar we hopen natuurlijk dat iemand op de website zijn ervaringen deelt.’
Landelijk wordt de dag bezocht door mensen als Job Cohen en Ivo Opstelten. Ook wethouder Lenie Scholten heeft toegezegd. De Universiteit doet echter niet mee. ‘Nog niet’, benadrukt Groenestijn: ‘maar we zijn er hard mee bezig!’