Was het een salomonsoordeel of een onbezonnen uitspraak? Hoe dan ook, een uitspraak van rector Bas Kortmann over het gewicht van een studiepunt (ects) zorgt er mogelijk voor dat veel vakken een stuk zwaarder moeten worden. Dat zegt Joep Bos van de studentenraad. De vraag is volgens hem of dat in de praktijk haalbaar is. ‘We hopen dat we hierover op een constructieve manier met de rector in gesprek kunnen gaan.’
Kortmann deed zijn gewraakte uitspraak tijdens een debat met de studentenraad over een studielastnotitie. Daarin constateert de studentenraad dat docenten verschillende interpretaties hanteren van de wettelijke definitie van een studiepunt. Een studiepunt staat voor 28 uur studielast, maar is die tijd voldoende om een zesje te halen? Of moet je daarmee een acht of negen kunnen scoren?
Na enig aandringen van de studenten wilde Kortmann wel een collegestandpunt formuleren: ‘De wet op het hoger onderwijs is duidelijk. Daarin staan de woorden “met goed gevolg”, die impliceren dat een gemiddelde student met 28 uur inzet per studiepunt, oftewel 40 uur studie per week, een voldoende moet kunnen halen.’
Een zesje dus. Nou Joep, da’s duidelijk toch?
‘Ja, duidelijkheid is er nu wel. Maar deze interpretatie van de wet op het hoger onderwijs heeft wel gevolgen. Op dit moment halen de meeste “gemiddelde” studenten een hoger cijfer terwijl ze, zo blijkt uit enquêtes, minder dan 40 uur aan hun studie besteden. Kortmann zegt eigenlijk dus dat vakken zwaarder moeten.’
Daar zijn jullie het niet mee eens?
‘Je mag de lat best hoog leggen en als universiteit ambitieus zijn. Maar een norm waarbij een groot deel van de studenten bij een normale, stevige inzet van 40 uur per week géén voldoende haalt vinden we overdreven. Een student met gemiddelde capaciteiten die aan de tijdeis voldoet mag van ons minimaal wel een zeven halen.’
Hoe doen andere universiteiten dit?
‘Die worstelen ook met de definitie.’
Jullie vroegen om een uitspraak. Heb je jezelf nu in de staart gebeten?
‘Nee, er is nu duidelijkheid. Tot nu toe bood de definitie van een studiepunt een veilige schuilplaats voor zowel docenten die werden aangesproken op de lichtheid van hun vak, als voor de degenen die buitengewoon zware colleges geven. Dat is voorbij. Er is nu in elk geval een basis voor discussie.’
Moet je niet bij de minister zijn, voor een meer sluitende definitie?
‘Je moet niet alles willen dichtregelen. Het is prima dat universiteiten wat speelruimte hebben en zich daarmee kunnen onderscheiden ten opzichte van anderen. We denken alleen dat Kortmann hier een overambitieuze positie heeft gekozen. In plaats van naar de minister te gaan willen we liever nog eens met de rector praten om in alle redelijkheid te vragen of hij zijn visie wil herformuleren.’