Het spook van werkloosheid gaat weer rond door Nederland. Het scenario dat honderdduizenden mensen op straat komen is sinds de CBS-cijfers van gisteren niet denkbeeldig meer. Welk lot wacht de afgestudeerden van de universiteit? Nol Vermeulen, voorlichter van de Faculteit der managementwetenschappen, gaat vanavond naar Den Bosch waar duizenden scholieren uit de regio samen komen om zich over hun toekomst te beraden. Vermeulens boodschap: ‘Nijmegen leidt de mensen op die dit land nodig heeft.’ Met één probleem: zijn eigen faculteit wordt door het spook bezocht.

Hoe somber moet een academicus zijn die nu de arbeidsmarkt betreedt. Nol Vermeulen houdt elke keer de kwartaalcijfers hierover goed in de gaten. In januari was er nog niks aan de hand, maar hoe de aanstaande lentecijfers van CBS uitpakken is nog ongewis. Vermeulen moet er een slag naar slaan, en is nog niet pessimistisch. Elke maand is hij betrokken bij de uitreiking van de bullen aan afgestudeerden van Bedrijfskunde, meestal een maand of drie nadat ze daadwerkelijk zijn afgestudeerd. ‘Ik peil dan altijd even hoe het met hun sollicitaties staat, en ik hoor nog geen problemen. Iedereen komt nog steeds snel aan de bak.’

Ook nu een echte economische crisis gaat uitbreken, ziet Vermeulen geen reden voor doemdenken. Integendeel: ‘De mensen die dit land nodig heeft worden juist bij ons opgeleid.’ Vermeulen doelt op de sociaal en onderzoeksgerichte oriëntatie van de studie bedrijfskunde in Nijmegen, anders dan de harde economische benadering in Rotterdam of Tilburg. ‘In het bedrijfsleven gaat het nu om kennismanagement, om personeelsmanagement , goede analyses en haalbare strategieën . Precies daarin zijn wij sterk.’ Vermeulen verwacht niet dat de instroom gaat afnemen. Sterker: de opleiding bedrijfskunde zit weer in de lift. Na 190 eerstejaars in 2007 (dit jaar: 218), zal de teller gaan oplopen naar 250, denkt hij.

De opleiding kampt met een paradox, want de sectie bedrijfskunde zelf is door het spook van de werkloosheid bezocht. De komende jaren moeten zo’n zestien tot twintig mensen de straat op, vanwege te hoog opgelopen tekorten in het nabije verleden. In de jaren van voorspoed (in 2002 telde de studie nog 2.500 studenten, nu 1.000 minder) zijn veel docenten aangenomen om de toeloop op te kunnen vangen. Die mensen worden nu vriendelijk bedankt voor hun diensten. Een zuivering die samenvalt met het universitair beleid om medewerkers met alleen docenttaken naar huis te sturen. Van elke medewerker worden onderzoeksprestaties verlangd. ‘Het moeten allemaal schapen met vijf poten zijn’, geeft Vermeulen aan.

Bij de koffie-automaten is de stemming bekoeld, weet Vermeulen. ‘De sfeer is verpest. Mensen die jarenlang keihard hebben gewerkt kunnen ineens gaan, en niemand is natuurlijk nog bereid om een stapje extra te zetten.’ Lastig, zegt de faculteitsvoorlichter. ‘De instroom gaat weer toenemen, en we staan voor de taak de kwaliteit van de opleiding nog verder te verbeteren.’