‘We moeten af van onze anarchistische bètamentaliteit’, zei decaan Jan Kuijpers na de presentatie van het Berenschot-rapport. ‘Iedereen probeert zijn zaakjes onderhands te regelen, maar ze beseffen niet dat het dan een grote puinhoop wordt.’ Een interessante stelling, maar wat is dat precies, die ‘anarchistische bètamentaliteit? Voxlog ging op onderzoek uit.
‘Ik vond dat niet zo’n handige opmerking van Kuijpers’, zegt hoogleraar Klaas Landsman. ‘Want volgens mij is die cultuur juist ontstaan door een gebrek aan vertrouwen in het financiële systeem van de faculteit. Het is volgens mij dus niet de oorzaak van de problemen maar veeleer een gevolg. Onbedoeld versterkt de decaan nu ook de indruk dat hij de verantwoordelijkheid voor het debacle niet integraal op zich neemt. Dat gebeurde ook al met het terugtreden van de directeur Bedrijfsvoering Thea van Kemenade, nota bene de enige vrouw in de top van de faculteit. Ik begrijp wel dat hij aanblijft, zijn voorganger deed dat in vergelijkbare omstandigheden ook en je kunt de faculteit niet stuurloos achterlaten. Ik vind het ook knap van Jan dat hij in moeilijke tijden steeds de moed erin houdt.
Herkennen studenten zich in het beeld van de typische bètamentaliteit? Ja, zegt Joep Bos, student scheikunde en lid van de studentenraad. ‘In de studentenraad merk je ook wel dat bèta’s over het algemeen wat afkeriger zijn van regeltjes en bureaucratie dan mensen van andere faculteiten. Het is een soort no-nonsense mentaliteit: waarom zou je de regels volgen wanneer je ook recht op je doel af kunt gaan. Dat is toch veel effectiever? En daarbij hoort soms ook het onderhands regelen van zaken.’
‘Er heerst hier een soort arbeiderszelfbestuur’, bevestigt een medewerker die liever niet met zijn naam in de pers wil. Hoogleraren wachten niet af, maar stappen zelf naar financiën om daar hun zaakjes te regelen. Niet vreemd ook, want de situatie is anders dan tien jaar geleden. Onderzoeken worden groter, internationaler, er komen meer studenten, meer onderzoekers, die moeten allemaal betaald worden. Helaas zitten er bij financiën en in het bestuur mensen die deze nieuwe situatie niet aankunnen. En wat doen hoogleraren dan? Die zeuren net zo lang door tot ze die pot met geld krijgen. Logisch.’
Wim van der Zande, hoogleraar Experimentele Moleculaire Fysica, ziet zichzelf niet als anarchistische bèta en herkent dat beeld ook niet in zijn collega’s. ‘Volgens mij houden bèta’s vooral van orde en hebben ze ook respect voor het feit dat zo’n tent gerund moet worden. Alleen hebben bèta’s soms wat moeite om een systeem te accepteren dat door anderen is bedacht en waarvan de logica, in dit geval accountantslogica, ze soms ontgaat. Maar dat is nog geen ‘anarchie’ en het is zeker niet de oorzaak van de problemen. Die zitten meer in het bestuur en de aansturing lijkt me.’
Klaas Landsman wil ten slotte ook nog wel bevestigen dat er toch wel zoiets bestaat als een bèta-mentaliteit. ‘Toen ik nog bij de UvA werkte was daar ook altijd gedonder met de financiële organisatie. Kennelijk zit er toch iets in de exacte wetenschappen dat ons in die richting stuurt. Maar binnen de bèta-wetenschappen zie je ook weer grote verschillen. Mijn ervaring: de fysici zijn de handige regelaars maar de wiskundigen zijn het braafste jongetje van de klas die altijd hun begroting op orde hebben. En daar worden ze dan vervolgens weer voor gestraft.’