Het Groot Dictee der Nederlandse taal was dit jaar extreem moeilijk – op een na zelfs het moeilijkst in de geschiedenis van het Groot Dictee. Gisteravond ploeterden bekende en minder bekende Nederlanders en Vlamingen op een pittige tekst van de Vlaamse schrijfster Kristien Hemmerechts. De Nijmeegse hoogleraar Anneke Neijt zat, samen met onder anderen minister Plasterk, in de jury. ‘De uitzending was prachtig, maar het dictee te moeilijk.’

Neijt heeft als jurylid niet meegeschreven, maar is ervan overtuigd dat ze dit jaar boven haar gemiddelde van vijftien fouten had gezeten. ‘Het was echt moeilijk, veel mensen waren teleurgesteld.’
Een gemiddelde van víjftien fouten voor een hoogleraar Nederlandse taalkunde?
‘Vind je dat veel? Maar je hebt een zware werkdag gehad, en dan moet je je nog concentreren op zo’n dictee. Dit jaar maakten de uitspraakvariaties het moeilijker. Die Vlaamse woorden leidden enorm af. En er waren mensen die bijvoorbeeld benedictijnerabt aan elkaar geschreven een foute spelling vonden. Zo staat het in de Van Dale, maar het gevoel zegt iets anders.’

Regels zijn regels, toch?
‘Dat is de vraag. De Nederlandse spelling is te moeilijk. Er zijn dingen afgesproken die docenten nauwelijks kunnen uitleggen en die ook niet met het gevoel sporen.’

En nu gaat u de barricades op?
‘Ik wil wel een discussie aanwakkeren over het gemis van een goede uitleg van de spelling in het Groene Boekje. De achtergronden en principes zijn niet goed uitgelegd. En op het moment dat we op zoek gaan naar een goede uitleg, zullen we op nieuwe wijzigingen stuiten, zullen er reparaties moeten worden verricht.’

Dus we krijgen straks weer een heel nieuwe spelling?
‘Waarom niet? Taal verandert ook. Zo vind ik dat je best meerdere hoofdletters in één woord mag schrijven. TweedeKamerlid bijvoorbeeld, dat leest heel goed. Het is een begrip, en zonder spatie leest het makkelijker. Die spatie is verwarrend, omdat Tweede nauw verbonden is met Kamer. Ik vind dat iedereen in een geval als dit zelf de keuze mag maken.’

Terug naar de voorkeurspelling dus, wat u betreft?
‘Wat niet uitgelegd kan worden, moet variabel blijven. Kiezen op eigen gevoel. In het onderwijs is het belangrijk dat er een bewustzijn gecreëerd wordt van die variaties. Leraren moeten hun leerlingen een gevoel voor taal bijbrengen. Nu is taalonderwijs vooral een opzoekspelletje. Er wordt zonder verstand met spelling omgegaan.’