Je kunt er twee keer per jaar van op wintersport, of je collegegeld en studieboeken betalen. Wat de reden ook zijn moge: Nederlandse studenten leenden in 2007 bijna 20 procent meer dan het jaar daarvoor. Daardoor zitten ze na hun studie soms met een flinke schuld. De LSVb maakt zich hier zorgen over, zo blijkt uit een reactie op de cijfers van het CBS. Drie vragen aan voorzitter Lisa Westerveld.
Hoe komt het dat de schulden van studenten steeds hoger oplopen?
‘Dat is moeilijk te zeggen. Wel is het duidelijk dat studeren steeds duurder wordt. Voor een kamer bijvoorbeeld betaal je meer dan vroeger en ook het collegegeld is fors gestegen: sinds 1986 is het collegegeld meer dan verdubbeld. De basisbeurs bleef in diezelfde periode vrijwel gelijk. In 1986 kreeg een student met een uitwonende beurs 604 gulden in de maand, dat is ongeveer net zoveel als de 255 euro van nu. Tel daarbij op dat de leenmogelijkheden zijn verruimd en dat studenten door de politiek worden aangemoedigd om daar gebruik van te maken. Dan heb je de leninggroei waarschijnlijk voor een groot deel verklaard.’
Waarom zijn deze schulden zo verontrustend, studenten gaan na hun studie toch veel verdienen?
‘Lenen tijdens je studie en een studieschuld hoeft niet altijd zorgelijk te zijn. Veel studenten lenen bewust om een wat luxer leven te kunnen leiden en denken: dat betaal ik wel een keer terug. Het is wel een probleem als studenten uitvallen of helemaal niet gaan studeren omdat het zo duur is en ze niet willen lenen. Dan praat je vooral over studenten met minder rijke ouders. Voor hen wordt het onderwijs minder toegankelijk als ze genoodzaakt zijn geld te lenen. Daarnaast zijn er studenten die worden opgeleid voor beroepen waarvan ze weten dat ze er niet veel mee gaan verdienen, maar waar wel een grote maatschappelijke behoefte aan is. Zoals leraar of verpleegkundige. Ook zij worden afgeschrikt door de hoge schulden.
Deze forse toename van schulden wil dus niet zeggen dat de leenangst van studenten verleden tijd is?
‘Het ISO (Interstedelijk Studenten Overleg, red.) beweert dat de leenangst verleden tijd is, maar dit is niet waar. 25 procent van de studenten leent extra bij, maar 85 procent van de studenten heeft een bijbaan. Veel studenten nemen dus nog steeds liever een baantje dan dat ze lenen. Het vooruitzicht van een hoge studieschuld zal de leenangst alleen maar aanwakkeren, vooral bij studenten uit achterstandsmilieus. Het kabinet heeft als doelstelling dat in 2014 de helft van de Nederlandse bevolking een opleiding in het hoger onderwijs doet of heeft gedaan. Dat gaat nooit lukken als de prijzen zo blijven stijgen. Het kabinet snijdt zichzelf dus in de vingers.’