‘Ik ben vandaag zo vrolijk’, zingt Herman van Veen met een fles Johnnie Walker in zijn hand en een vergiet op zijn hoofd. De zaal lacht er smakelijk om. Gisteren verzorgde de 63-jarige entertainer de aftrap van het 17e lustrum van de RU, met een concert voor de medewerkers ‘Een perfect georganiseerde chaos.’

De Stadsschouwburg zit bomvol. Gespannen wacht het publiek op de komst van Van Veen. Wanneer rector magnificus Bas Kortmann eerst ten tonele verschijnt, is een lichte teleurstelling voelbaar in de zaal. Kortmann, zich hiervan bewust, houdt het kort en kondigt snel de artiest ‘met de wijsheid van de hofnar en de brutaliteit van een moralist’ (Georges Moustaki) aan.

De 63-jarige Van Veen is in zijn element. Hij hijst zijn onderbroek op tot zijn navel, gooit pingpongballen in het publiek en danst rond met zijn viool. Ondersteund door vier uitmuntende muzikanten (twee violistes, een gitariste en een pianist/contrabassist) zet hij, zowel muzikaal als theatraal, een goede show neer. Platte grappen worden afgewisseld met prikkelende, filosofische bespiegelingen. De liedjes zijn ronduit prachtig en het publiek is welwillend.

Aan de reacties te oordelen viel het optreden in goede aarde. ‘Schitterend. Mooi om zo’n legende te zien’, vindt promovendus Afric Meijer. ‘De teksten gaan echt ergens over, dat inspireert.’ Postdoc Tom Sintobin noemt het optreden ‘een perfect georganiseerde chaos. Ik heb er erg van genoten. De mix van goedkope moppen en diepere gedachten vond ik gedurfd.’

Ook Van Veen keek na afloop tevreden terug: ‘Het was een bijzonder optreden. Als je speelt voor een publiek dat te gast is, is dat afwachten. De mensen zijn uitgenodigd; ze hebben geen kaartje hoeven te kopen. Veel mensen kennen me wel, maar hebben me nog nooit zien spelen. Dat vind ik verfrissend.’

Kijk hier voor meer foto’s