Elke vrijdag gunt Jacqueline van Dongen (18), student bedrijfscommunicatie, je een inkijkje in het wel en wee van een eerstejaars. Deze week: docenten met passie.

Ooit geloofde ik dat de universiteit een bolwerk was van geleerden en intellectuelen.
Professoren die gepassioneerd voor een volle collegezaal staan, stoffige hoogleraren die over niks anders kunnen praten dan quantumfysica en meer dingen die ik niet begrijp en natuurlijk studenten die studeren.
Maar niks van dit alles: studenten blijken niet te studeren en die hoogleraren, wat doen die eigenlijk?
Op een hoogleraar uit Zuid-Afrika na (ik moet toegeven dat hij zijn taaltje mee had zitten) heb ik weinig passie gezien. Wanneer je geen inspirerende en motiverende verhalen te horen krijgt en je bedenkt dat ze met dat uurtje college in de week hun onderzoeksgeld verdienen blijft er weinig aan de verbeelding over.
Het is natuurlijk niet zo dat al die leraren niks weten (oké, er zijn een paar promovendi waarbij je serieus je twijfels krijgt, maar goed.), die hoogleraren staan hier natuurlijk niet zomaar. Maar zoals een klasgenootje van me zei: ‘de meesten beschikken echt over nul didactische vermogens’ en lezen gewoon voor uit het boek.
Weinig inspirerend.
Toen de studieadviseur me vorige week ook nog aanraadde om met een extra taal of vakken ‘maar te wachten tot je derde jaar’ omdat je daar nog tijd genoeg voor had begon ik het me echt af te vragen. Leraren die al blij zijn als je je opdrachten überhaupt inlevert, colleges waarbij je je nog afvraagt waarom je komt omdat je net zo goed het boek kan lezen, promovendi die het zelf ‘eigenlijk ook niet zo goed weten’ en studieadviseurs die je áfraden om extra vakken te kiezen. Wat is dit?
Waar blijven die doctoren die vol passie over hun vak praten, grijze wetenschappers die moeilijke formules murmelen en hysterische adviseurs die je pushen om ‘alsjeblieft, jongens toe nou, maar één vak!’ te doen.
Maar wat maakt zo’n collegezaal verwachtingsvolle studenten nou uit, wat maakt het uit dat wij de zogenaamde toekomst zijn, dat wij straks hun werk over moeten nemen?
Wat maken 200 slapende studenten nou uit als je een paar duizend euro onderzoeksgeld en 34 publicaties in je zak kunt steken.?