De Sjanghai-index, Times Higher Education Supplement: in hun queeste naar excellentie worden ‘de lijstjes’ door de universiteiten gretig geconsumeerd. Deze week verscheen een nieuwkomer: de Leiden Ranking. Die beoordeelt Europese universiteiten op basis van hun wetenschappelijke scores. De Radboud Universiteit (43ste plaats) heeft ‘met interesse’ kennis genomen van de nieuwe lijst, maar plaatst ook meteen kanttekeningen. ‘De gegevens zijn niet erg actueel.’
De Leiden Ranking bestaat eigenlijk uit vier verschillende lijsten, maar de vergelijking die gaat over de impact van wetenschappelijke publicaties geldt daarin als de belangrijkste. Nijmegen neemt daarop een 43ste plaats in. Op zichzelf lijkt dat een mooi resultaat, alleen is het jammer dat de meeste andere Nederlandse universiteiten het nog net iets beter doen. De Erasmus Universiteit van Rotterdam staat het hoogst genoteerd met een achtste plaats. Verder vinden we bij de eerste twintig: de TU Delft (11), Utrecht (14) de Vrije Universiteit(15) en de UvA (16). Leiden staat op plaats 23 en Groningen op 24. De lijst bevat alleen de top 100 van Europa. Daarop ontbreken de universiteiten van Maastricht, Tilburg, Eindhoven en Twente, die te klein zijn om in deze ranking gewicht in de schaal te kunnen leggen.
Het Nijmeegse college van bestuur wil de nieuwe ranking nog even laten bezinken, zo blijkt uit de voorzichtige reactie van woordvoerder Willem Hooglugt. ‘In elk geval zijn we blij te constateren dat de Nederlandse universiteiten er in een Europese vergelijking zo goed uitspringen. Het bewijst dat de Nederlandse top de Europese top is’, zegt hij.
Maar een kanttekening heeft hij ook al. ‘De gegevens waarop de lijst zich baseert lopen tot 2004 en de meest publicaties dateren van nòg een paar jaar eerder. Na die tijd hebben we in Nijmegen een beleid uitgewerkt waarbij al het onderzoek is geconcentreerd in 22 onderzoeksinstituten om meer focus en massa te creëren.’ Sindsdien zijn er volgens Hooglugt veel uitstekende publicaties verschenen, onder meer van het FC Donders Instituut, het Instituut voor Moleculen en materialen, het NICCI en het NCMLS.
Of Nijmegen daardoor inmiddels hoger in de lijst zou moeten staan weet hij niet. ‘Maar de beperkte actualiteitswaarde is wel iets om rekening mee te houden’, vindt hij. Volgende week wordt ook de bekende ranking van het Times Higher Education Supplement verwacht.