De Nijmeegse student Julia Mattern heeft de prestigieuze Nationale Scriptieprijs gewonnen. Met een scriptie over het statenloos worden van Nederlandse burgers die werkzaam waren bij de Operation Todt in de Tweede Wereldoorlog sleepte Mattern een geldbedrag van 3.500 euro binnen. In 2001 werd de prijs nog gewonnen door de nu bekende dichteres Hagar Peeters.

Julia Mattern studeerde in Nijmegen af bij geschiedenis op een scriptie bij Duitslandstudies, die werd beoordeeld met een 9. De Nationale Scriptieprijs is vaak een Amsterdams onderonsje. De prijs wordt dan ook georganiseerd door de Universiteit van Amsterdam en het Parool. Julia Mattern was de enige Nijmeegse deelnemer die de shortlist haalde en bij de laatste acht moest ze het opnemen tegen zes studenten van de UvA. Toch koos de jury onder leiding van Anna Enquist de scriptie van Mattern vanwege de compactheid en helderheid. Ook werd de Duitse Mattern geprezen om haar beheersing van het Nederlands ‘in een tijd dat Nederlandse studenten hun scripties in wat krakkemikkig Engels schrijven’.

Staatsburgerschap verloren
Fritz Todt was verantwoordelijk voor het construeren van de Siegfriedlinie en verdedigingswerken in de bezette gebieden van het Derde Rijk. Nederlanders werden te werk gesteld voor de Organisation Todt of meldden zich aan om te voorkomen dat ze werden uitgezonden om dwangarbeid te verrichten. Enkele van die Nederlanders bleken bij de verkiezingen in 1946 het Nederlands staatsburgerschap te hebben verloren.

‘Onthullend inzicht’
‘Wanneer je in krijgsdienst of in staatsdienst van een ander land bent, vervalt je staatsburgerschap’, aldus Julia Mattern. ‘Ik heb een document gevonden over zes mensen die er bij de verkiezingen in 1946 achter kwamen dat ze stateloos waren geworden. Ze gingen in beroep en vijf mensen kregen hun staatsburgerschap terug omdat ze voor een aannemer hadden gewerkt, de ene die vrijwillig en rechtstreeks voor de Duitsers had gewerkt, kreeg zijn staatsburgerschap niet terug.’
De jury meent dat de scriptie ‘een onthullend inzicht geeft in de bureaucratie waar deze mensen het slachtoffer van werden. Dat aspect is nog volop actueel.’